Chinees eten staat hier af en toe op tafel, maar zelf Chinese gerechten maken doe ik eigenlijk nooit. En dat komt misschien ook wel doordat de Chinese keuken zó groot en veelzijdig is dat ik als leek niet goed weet waar ik moet beginnen. Er zijn zoveel regionale keukens, ingrediënten en kooktechnieken dat je al snel door de bomen het bos niet meer ziet. Een boek dat je daarin wegwijs maakt, is dan een geschenk uit de hemel. Met De bijbel van de Chinese keuken neemt Alice de Jong je mee op een culinaire reis door China, van Sichuan en Beijing tot Guangdong en Xinjiang. En met bijna 500 pagina’s valt er genoeg te ontdekken en te leren.
[Dit is een gastreview van Yvette Koedam]

De Bijbel van de Chinese keuken – Alice de Jong
Laat ik meteen met de deur in huis vallen: wie bij de Chinese keuken denkt aan babi pangang, foe yong hai en nasi, krijgt met dit boek een flinke realitycheck. Deze gerechten kennen we in Nederland vooral uit de Chinees-Indische restaurantkeuken, maar ze zijn geen goede afspiegeling van de enorme veelzijdigheid van de Chinese keuken. China kent een schat aan regionale keukens, met ieder hun eigen ingrediënten, smaken en kooktechnieken. Precies die diversiteit probeert Alice de Jong in dit boek te laten zien.
De Jong is sinoloog en kookboekauteur en heeft zich gespecialiseerd in de Chinese keuken. Ze volgde een culinaire training in Sichuan, leerde in Lanzhou met de hand noedels trekken en reisde veel door China. Die kennis en ervaring zie je terug in het boek. En dat is maar goed ook, want waar begin je in een land met zo’n enorme culinaire diversiteit?
Alice verdeelt China in De bijbel van de Chinese keuken over zes grote regio’s. Binnen die regio’s komen verschillende steden en hun kenmerkende gerechten aan bod. Zo krijg je niet alleen recepten, maar ook context bij wat je kookt. Voor je de recepten induikt, behandelt De Jong bovendien de belangrijkste Chinese ingrediënten, het benodigde keukengerei en verschillende snijtechnieken. Ook een aantal basisrecepten komt aan bod. Daarmee is dit boek niet alleen een verzameling recepten, maar ook een mooie introductie in de Chinese keuken.


Van pekingeend tot biangbiang-noedels
En dan de recepten. Daar krijg je als liefhebber van de Aziatische keuken vanzelf trek van. De titel noemt al een paar grote publiekstrekkers: omfietsdumplings, pekingeend, Sichuan-wontons en biangbiang-noedels. Maar er is nog veel meer te ontdekken. Van dampende kommen noedels en dimsum tot spicy tofu, stoofgerechten en allerlei kleine gerechten die je makkelijk met elkaar kunt combineren. Genoeg inspiratie dus om die Chinese keuken stap voor stap zelf te ontdekken.
Dat vind ik misschien wel het leukste aan de Chinese keuken. Je hoeft niet één gerecht te kiezen, maar zet juist verschillende dingen tegelijk op tafel. Een paar kleine gerechten, een flinke schaal noedels en iets knapperigs, pittigs of fris erbij. Zo ontstaat vanzelf een tafel waar iedereen van alles van wil proeven.
Er zit wel een kleine kanttekening aan al dat enthousiasme. Sommige gerechten vragen behoorlijk wat tijd en voorbereiding. Wie gewend is om na het werk binnen dertig minuten een maaltijd op tafel te zetten, zal niet met ieder recept uit de voeten kunnen. Maar eerlijk gezegd vind ik dat geen probleem. Juist als je een keuken beter wilt leren kennen, is het leuk om er wat meer tijd voor uit te trekken. Een middag dumplings vouwen of zelf noedels maken zie ik dan ook eerder als onderdeel van de ervaring dan als nadeel.
CONCLUSIE
De bijbel van de Chinese keuken is een compleet kookboek voor iedereen die verder wil kijken dan de bekende Chinees-Indische klassiekers. Wat ik sterk vind, is dat het boek je niet alleen recepten geeft, maar je ook leert kijken naar de Chinese keuken. Waarom gebruik je een bepaald ingrediënt? Waar komt een gerecht vandaan? Welke techniek hoort erbij? En hoe combineer je verschillende gerechten tot een tafel vol eten? Daar staat tegenover dat je soms wat meer tijd nodig hebt en voor sommige recepten een bezoekje aan de toko moet plannen. Maar voor mij hoort dat juist bij de lol.
Als je graag Chinees eet en denkt dat je de keuken inmiddels wel een beetje kent, zou ik zeggen: zet De bijbel van de Chinese keuken maar eens op tafel. De kans is groot dat je daarna ontdekt hoeveel je nog niet kent. En waarschijnlijk ligt er heel snel een boodschappenlijstje naast je boek met ingrediënten waarvan je gisteren nog niet wist wat je ermee moest.


Pluspunten:
- De bijbel van de Chinese keuken geeft een brede introductie in de Chinese keuken, ideaal als je, net als ik, nog niet goed weet waar je moet beginnen.
- Goede uitleg over ingrediënten, handig als je nog niet bekend bent met de vele Chinese ingrediënten.
- Ruime aandacht voor snijtechnieken en het maken van noedels en dumplings.
- Met bijna 500 pagina’s is er genoeg inspiratie om steeds weer nieuwe recepten en technieken uit te proberen.
Minpunten:
- Niet alle ingrediënten zijn in de supermarkt te vinden, voor sommige recepten moet je naar de toko of Aziatische supermarkt.
- Als je nog weinig Chinese ingrediënten in huis hebt, moet je in één keer verschillende sauzen, kruiden en andere voorraadproducten aanschaffen. Dit vraagt wat van je portemonnee.
- Veel recepten kosten behoorlijk wat tijd qua (voor)bereiding.
- Voor sommige recepten is wat oefening nodig. Dumplings vouwen, noedels maken en bepaalde kooktechnieken vragen wat geduld en handigheid.
Nederlands | Druk: 1 | 9789059960275 | februari 2026 | Hardcover | 496 pagina’s
Dit boek is beschikbaar gesteld door Carrera.
Klik op de link hieronder om het boek gelijk te kopen:
Volg ons ook via Facebook, Instagram of Pinterest.
MEER LEUKE BOEKEN: